Op de rommelmarkt in mijn straat staat elke maand wel iemand met een stapel oude aardappelkisten. Vijf euro per stuk, soms drie als het tegen sluitingstijd loopt. Ik zie mensen ze oppakken, omdraaien, en weer terugzetten, omdat ze niet weten wat ze ermee moeten. Precies met zo’n kist maakte ik de kast die nu in mijn woonkamer staat: twee kisten op elkaar, vier wieltjes eronder, en zeven planten erop en erin. Hij rijdt in de zomer naar het raam en in de winter naar de kant van de kamer waar het licht nog komt, en dat is nou net waarom het ding werkt.
Verrijdbaar is namelijk geen luxe bij planten, het is de hele truc. Een vaste plantenkast staat het halve jaar op de verkeerde plek, en zodra iets zwaar is en niet beweegt, verplaats je het nooit meer. Op wieltjes kun je een hele groep planten in tien seconden verhuizen als de zon van kant verandert, en dat scheelt meer dan welke kunstgreep met groeilampen ook.
Wat voor krat je zoekt
Er zijn grofweg drie soorten die je tegenkomt. De Nederlandse aardappel- of fruitkist is de stevigste: dik vurenhout, klinknagels, vaak met een stempel van een veiling erop. Die kost bij een kringloop tussen de drie en acht euro, en bij de betere vintagewinkel gek genoeg vijfentwintig. Wijnkisten zijn dunner en fijner van uitstraling, meestal gratis of voor een paar euro bij een slijterij als je vriendelijk vraagt. En dan is er de moderne bierkrat-achtige kist van geschaafd grenen die ze bij bouwmarkten verkopen, netjes maar zonder karakter.
Ik zoek altijd de oude kisten, en ik geef ze bewust niet de complete opknapbeurt. Een kist die je helemaal glad schuurt en dan wit lakt, is een nieuw meubel geworden dat toevallig oud hout bevat. De stempel, de kleurverschillen en het versleten randje zijn precies het enige wat een kringloopkist heeft en een bouwmarktkist niet. Ik schuur alleen wat splintert, en verder blijft alles zoals het is. Dat is dezelfde lijn als bij de ladder die ik vorige maand ombouwde, waar het gebruikssporen zijn die het ding interessant maken: zie een oude ladder ombouwen tot handdoekrek.
Waar ik wel streng op ben bij het uitzoeken: geen kisten met zwarte, zachte plekken (dat is houtrot en dat komt terug), geen kisten waar duidelijk chemie in heeft gezeten, en geen kisten met loszittende krammen. Duw met je duim in het hout op de hoeken. Geeft het mee, laat hem staan.
Wat je nodig hebt
- Twee stevige houten kisten van ongeveer gelijke maat
- Vier zwenkwielen van 50 tot 75 millimeter, waarvan twee met rem, met draagvermogen van minimaal 25 kilo per stuk
- Bijpassende korte houtschroeven, meestal 16 of 20 millimeter, plus een handvol van 40 millimeter om de kisten aan elkaar te zetten
- Schuurpapier korrel 80 en 120, of een schuurspons
- Een stugge borstel en een emmer met sop
- Houtolie of hardwaxolie (een blik van 250 milliliter is ruim genoeg), of blanke beits als je het hout donkerder wilt
- Een kwast of een katoenen doek om de olie op te zetten
- Vier of vijf zinken of geglazuurde onderzetters, of een dienblad met opstaande rand
- Boormachine met bitset en een dun boortje om voor te boren
- Eventueel een stuk multiplex van 12 millimeter als de bodem open is
De kisten haal je bij een kringloopwinkel, op Marktplaats (zoek op aardappelkist of veilingkist), bij een rommelmarkt of achter bij een groenteboer. Wielen, schroeven, schuurpapier, houtolie en multiplex koop je bij Gamma, Praxis, Karwei of Hornbach; zwenkwielen liggen daar bij het beslag en kosten drie tot zeven euro per stuk. Onderzetters en dienbladen vind je goedkoop bij Action, IKEA of een tuincentrum. Reken op een totaalbedrag tussen de vijfentwintig en veertig euro als je de kisten tweedehands scoort.
Zo bouw je hem
- Maak de kisten grondig schoon. Borstel ze droog uit, en was ze daarna met sop en een stugge borstel. Laat ze minimaal een etmaal buiten of in een warme ruimte drogen. Vochtig hout waar je olie op zet, blijft plakkerig.
- Sla loszittende krammen aan en schuur alleen de splinters. Loop met je hand over alle randen, dat wijst vanzelf de plekken aan. Korrel 80 voor de ruwe delen, korrel 120 om na te lopen. Verder laat je het oppervlak met rust.
- Bepaal welke kist onder komt. De stevigste en de lelijkste gaat onderop, want daar zie je het minst van en daar staat het gewicht op.
- Zet de wielen eronder. Plaats ze zo ver mogelijk naar de hoeken, maar wel op het massieve hout van de rand en niet op de dunne bodemplank. Boor altijd voor met een boortje dat dunner is dan de schroef, anders splijt het oude, droge hout. Twee wielen met rem aan één kant is genoeg.
- Zet de kisten aan elkaar. Zet de bovenste kist op de onderste, kijk of hij vlak staat, en schroef van binnenuit door de bodem van de bovenste kist in de rand van de onderste. Vier schroeven van 40 millimeter, één per hoek. Dit is de stap die mensen overslaan, en het is meteen de reden dat zo’n stapel later omvalt zodra je hem verrijdt.
- Behandel het hout. Breng de olie op met een doek, dun en in de richting van de nerf, laat een kwartier intrekken en veeg de overtollige olie er dan af. Twee dunne lagen werken beter dan één dikke. Laat een etmaal uitharden voor je er iets op zet.
- Maak de plekken waterdicht waar potten komen. Zet zinken onderzetters of een dienblad neer op elk vlak waar een plant komt te staan. Water dat maandenlang op onbehandeld hout blijft staan, geeft binnen een seizoen zwarte kringen die er niet meer uit gaan.
- Vul hem in. Zware potten onderin, hangende soorten aan de bovenrand zodat ze over de zijkant kunnen vallen, en laat aan één kant bewust ruimte leeg. Een propvolle kast leest als een muur, een kast met lucht erin leest als een plek.
Reken op een middag, waarvan het grootste deel wachten is op de olie. Het echte werk is anderhalf uur.
Waar het bij mij misging
De eerste versie maakte ik drie kisten hoog, want dat leek me mooier. Fout. Zodra je hem verrijdt over een drempel of een vloerkleedrand, gaat een stapel van meer dan een meter tien wiebelen, en de bovenste planten zwaaien mee. Twee kisten is de grens, of drie als je de onderste met een stuk multiplex verzwaart en de wielen aan de brede kant zet.
Tweede les: ik had de wielen eerst op de bodemplanken geschroefd in plaats van op de rand. Binnen twee weken scheurde er een plank uit. Kies het dikste hout dat de kist heeft, en als de bodem echt te dun is, schroef dan eerst een strook multiplex over de hele onderkant en de wielen daarop.
Wat het met een kamer doet
Een groepje planten op verschillende hoogtes leest heel anders dan zes potten los op de grond. Je krijgt een groen volume in plaats van losse accenten, en dat is precies wat een kamer rustiger maakt. Bijkomend voordeel: schoonmaken gaat opeens, want je rijdt het hele blok even opzij in plaats van veertien potten te verplaatsen.
Wie meer van dit soort ingrepen zoekt zonder dat er een verbouwing aan te pas komt, vindt er een handvol in budgetvriendelijke biophilic accenten voor een rustige woonkamer. En het principe van meubels op wielen werkt trouwens net zo goed in de keuken, waar een trolley precies dezelfde flexibiliteit geeft: zie de keukentrolley als mobiele opbergoplossing.
Mijn kist staat er nu ruim een jaar. De olie heb ik één keer bijgewerkt, één wieltje heb ik aangedraaid, en verder heeft hij niets nodig gehad. Voor iets dat begon als vijf euro op een rommelmarkt vind ik dat een prima verhouding.